Helikon

Wat is modern aan de moderne kunst?
lezing over de erfenis van een 17e-eeuwse cultuurcrisis

Is modern aan de moderne beeldende kunst dat ze van recente datum is? Dat ze uit de (eenen-)twintigste eeuw stamt?
In deze lezing zal filosoof Marc de Kesel de stelling verdedigen dat de moderniteit van wat we ‘moderne’ kunst noemen, alles te maken heeft met de grote cultuurcrisis van de zeventiende eeuw waaraan we de moderniteit te danken hebben. In die eeuw zijn we ons anders gaan verhouden ten aanzien van de werkelijkheid; niet langer vanuit onze verankering in de werkelijkheid, maar vanuit onszelf, vanuit de vrijheid die we onszelf tegenover de werkelijkheid aanmeten. Die wending heeft heel snel onze ‘fysica’ veranderd (want newtoniaans gemaakt), maar voordat de impact op de beeldende kunst zich liet voelen, duurde dat nog tot in de negentiende eeuw.
Pas met Courbets realisme schreeuwt de beeldende kunst zich de moderniteit in. Of daar een succesverhaal op volgt, is nog maar de vraag. De diverse ‘-ismen’ die in de twintigste eeuw de moderniteit van de beeldende kunst verdedigen, vechten vooral met hun eigen crisis. Maar juist het gevecht met die eigen crisis maakt de grootheid van de moderne beeldende kunst uit, zo luidt de stelling die door De Kesel zal worden verdedigd.


Gerrit Rietveld, Rood-blauwe stoel, 1918, voor een ‘nepcompositie’ zoals Piet Mondriaan die rond 1930 maakte
Plaats en datum
Cervantes, zondag 13 oktober 14.00 - 16.00 uur
Prijs
lezing € 25